CONTROLE, REPARATIE EN WERKING VAN AIRCO IN DE AUTO

Hier vindt u nuttige basiskennis en waardevolle tips over aircosystemen in voertuigen.

Aircosystemen bevonden zich vroeger alleen in auto's uit de hogere klasse. Tegenwoordig behoren ze in alle voertuigklassen tot de standaarduitrusting. Maar hoe zorgen aircosystemen voor koude en uit welke componenten bestaan ze eigenlijk? Hier vindt u niet alleen antwoorden op deze vragen, maar ook tips voor onderhoud, foutopsporing en reparatie van aircosystemen.

Belangrijke veiligheidsaanwijzing
De onderstaande technische informatie en praktische tips zijn door HELLA ontwikkeld om werkplaatsen professioneel te ondersteunen bij hun werkzaamheden. De op deze website gegeven informatie mag alleen worden gebruikt door vakmensen die op het betreffende gebied zijn opgeleid.

 

AIRCOCIRCUIT: WERKING

Voor de sturing van het aircosysteem in het interieur van het voertuig zijn zowel het koudemiddel als het koelcircuit nodig. Een mengeling van koude en warme lucht zorgt ervoor dat de gewenste omstandigheden kunnen worden gecreëerd, onafhankelijk van de omstandigheden buiten. Daarom is de airconditioning een belangrijke factor voor de veiligheid en het rijcomfort.

 

De verschillende componenten van het koudemiddelcircuit zijn door slangen en/of aluminium leidingen met elkaar verbonden en vormen zo een gesloten systeem. In het systeem circuleren het koudemiddel en de koudemiddelolie, aangedreven door de compressor.

Werking van het aircosysteem met expansieklep

Het circuit is verdeeld in twee delen:

  • Het gedeelte tussen compressor en expansieklep wordt hogedrukzijde (geel/rood) genoemd.
  • Tussen expansieklep en compressor spreken we van de lagedrukzijde (blauw).

 

In de compressor wordt het gasvormige koudemiddel gecomprimeerd (waardoor het sterk verhit raakt) waarna het onder hoge druk door de condensor wordt geperst. Daar wordt warmte onttrokken aan het verhitte koudemiddel, waardoor het condenseert en de toestand van gasvormig naar vloeibaar verandert.

 

In de filterdroger - het volgende station - worden verontreinigingen en ingesloten lucht uit het nu vloeibare koudemiddel verwijderd en wordt er vocht aan onttrokken. Zo blijft de effectiviteit van het systeem gewaarborgd en wordt schade aan componenten door verontreiniging voorkomen.

AIRCOSERVICE EN AIRCOCHECK: WETENSWAARDIGHEDEN

Afwisselend check en service

De airconditioning is een systeem dat onderhouden moet worden. Daarom moet deze regelmatig worden onderzocht om schade te voorkomen. Aircocheck en aircoservice verhouden zich min of meer tot elkaar als een kleine en grote inspectie:

INFOBOX

Hella adviseert: om de 12 maanden een aircocheck en om de 2 jaar aircoservice.

Wat moet wanneer gedaan worden?
Wat? Aircocheck
Wanneer? Om de 12 maanden
Waarom? De interieurfilter filtert stof, pollen en vuildeeltjes uit de lucht voordat deze zuiver en gekoeld de binnenruimte instroomt. Zoals bij elk filter is het opnamevermogen beperkt. In elk airconditioningsysteem zit een verdamper. In de lamellen ontstaat condenswater. Na verloop van tijd nestelen zich hier bacteriën, schimmels en micro-organismen in. Daarom moet de verdamper regelmatig worden gedesinfecteerd.
Wat wordt er gedaan? ➔ Controle van alle onderdelen
➔ Functie- en prestatietest
➔ Vervanging van interieurfilter
➔ Zo nodig desinfectie van de verdamper

 

Wat moet wanneer gedaan worden?
Wat? Aircoservice
Wanneer? Om de 2 jaar
Waarom? Zelfs bij een nieuwe airconditioning ontsnapt per jaar tot wel 10 % van het koudemiddel. Dit is normaal, maar vermindert echter wel het koelvermogen en verhoogt de kans schade aan de compressor. Door de filterdroger wordt het koudemiddel ontdaan van vocht en verontreinigingen.
Wat wordt er gedaan? ➔ Controle van alle onderdelen
➔ Functie- en prestatietest
➔ Vervangen van de filterdroger
➔ Zo nodig desinfectie van de verdamper
➔ Verversen van het koudemiddel
➔ Lektest
➔ Vervanging van interieurfilter

WERKING VAN DE AIRCO IN DE AUTO CONTROLEREN: FOUTOPSPORING

Controle van het koelvermogen

Iedere werkplaats moet behalve test- en bijzonder gereedschap ook beschikken over de betreffende vakkennis, die bijvoorbeeld door scholingen kan worden verkregen. Dit is vooral van belang voor airconditioningsystemen. De instructies in deze publicatie dienen slechts als leidraad, vanwege de veelheid aan verschillende systemen.

Het is zeer belangrijk dat de manometers juist worden afgelezen.

Aircosystemen met expansieklep
Lage druk Hoge druk Temperatuur uittredende lucht bij de middelste opening Mogelijke oorzaken
Hoog Hoog Verhoogd, tot omgevingstemperatuur Motor oververhit, condensor verontreinigd, condensorventilator defecte/verkeerde draairichting, installatie teveel gevuld
Normaal tot af en toe laag Hoog, af en toe Verhoogd, eventueel schommelend Expansieklep klemt, af en toe gesloten
Normaal Hoog Iets verhoogd Filterdroger verouderd, condensor verontreinigd
Hoog Normaal tot hoog Verhoogd, afhankelijk van de vernauwing Leiding van compressor naar expansieklep vernauwd
Normaal Normaal Verhoogd Te veel koudemiddelolie in de installatie
Normaal, maar ongelijkmatig Normaal, maar ongelijkmatig Verhoogd Vocht in de installatie, defect expansieklep
Schommelend Schommelend Schommelend Expansieklep of compressor defect
Normaal tot laag Normaal tot laag Verhoogd Verdamper verontreinigd, te weinig koudemiddel
Hoog Laag Verhoogd, tot bijna omgevingstemperatuur Expansieklep klemt geopend, compressor defect
Laag Laag Verhoogd, tot omgevingstemperatuur Te weinig koudemiddel
Lage druk en hoge druk gelijk Lage druk en hoge druk gelijk Omgevingstemperatuur Te weinig koudemiddel, compressor defect, fout in het elektrische systeem

 

Airconditioning met vaste klep/orifice tube
Lage druk Hoge druk Temperatuur uittredende lucht bij de middelste opening Mogelijke oorzaken
Hoog Hoog Verhoogd, tot omgevingstemperatuur Motor oververhit, condensor verontreinigd, condensorventilator defecte/verkeerde draairichting, installatie teveel gevuld
Normaal tot af en toe laag Hoog Verhoogd Installatie teveel gevuld, condensor verontreinigd
Normaal Normaal tot hoog Schommelend Vocht in de installatie, vaste klep gedeeltelijk verstopt
Hoog Normaal Verhoogd Vaste klep defect (doorsnede)
Normaal Normaal Verhoogd Te veel koudemiddelolie in de installatie
Normaal tot laag Normaal tot laag Verhoogd Te weinig koudemiddel
Lage druk en hoge druk gelijk Lage druk en hoge druk gelijk Omgevingstemperatuur Te weinig koudemiddel, compressor defect, fout in het elektr. systeem

 

AIRCO IN DE AUTO REPAREREN - UIT- EN INBOUWINSTRUCTIES: WERKPLAATSTIPS

Reserveonderdeel controleren

Voor de uit- of inbouw van een reserveonderdeel moet er worden gecontroleerd of de aansluitingen, bevestigingen en andere inbouwrelevante eigenschappen identiek zijn.

Nieuwe O-ringen gebruiken

Gebruik altijd nieuwe O-ringen die geschikt zijn voor het koudemiddel wanneer u componenten vervangt.

Installatie gesloten houden

De compressorolie heeft een sterke hygroscopische werking. Daarom moet de installatie zo veel mogelijk gesloten worden gehouden en mag de olie pas kort voor het sluiten van het koudemiddelcircuit worden gevuld.

O-ringen en pakkingen invetten

Voor de montage moeten O-ringen en pakkingen worden ingevet met koudemiddelolie of speciale smeermiddelen om de inbouw te vergemakkelijken. Hiervoor mogen geen andere vetten of siliconenspray worden gebruikt, omdat het nieuwe koudemiddel anders direct verontreinigd raakt.

Droger vervangen

Bij elke opening van het koudemiddelcircuit moet de droger, omwille van zijn sterk hygroscopische werking, worden vervangen. Als de droger of de accumulator niet regelmatig wordt vervangen, kan het gebeuren dat het filterkussen uit elkaar valt en er silicaatdeeltjes in de gehele installatie worden verspreid waardoor ze sterke beschadigingen veroorzaken.

Aansluitingen afsluiten

De aansluitingen van de installatie mogen nooit gedurende een langere periode open staan. Ze moeten onmiddellijk met kappen of stoppen worden afgesloten. Anders zou er met de lucht vocht in het systeem worden gebracht.

Met twee sleutels werken

Werk bij het los- en vastdraaien van de aansluitingen altijd met twee sleutels, zodat er geen aansluitleidingen of onderdelen beschadigd raken.

Let op voor beschadigingen door randen van het voertuig

Let er bij de plaatsing van slangen en kabels op dat beschadigingen door voertuigranden of andere bewegende onderdelen worden voorkomen.

Voor de juiste hoeveelheid olie zorgen

Zorg ervoor, dat het systeem de juiste hoeveelheid olie bevat bij het vervangen van een onderdeel van het aircosysteem. Indien nodig moet er olie bijgevuld of afgetapt worden.

Voor het vullen controleren op dichtheid en legen

Voor het opnieuw vullen van de installatie moet de dichtheid van het systeem worden gecontroleerd. Aansluitend moet het systeem voldoende worden geleegd (ca. 30 minuten) om te verzekeren dat al het vocht uit het systeem is verwijderd.

Na het vullen controleren op dichtheid en drukwaarden observeren

Na het vullen, met de door de voertuigfabrikant aangegeven hoeveelheid koudemiddel, moet de installatie op een correcte werking en dichtheid (elektronische lekdetectie) worden gecontroleerd. Tegelijkertijd moeten de hoge- en lagedrukwaarden met drukmanometers worden geobserveerd en met de voorgeschreven waarden worden vergeleken. Vergelijk de uitstroomtemperatuur aan de middelste opening met de door de fabrikant aangegeven waarden.

Aanbrengen van het servicelabel

Nadat de serviceaansluitingen van beschermkappen zijn voorzien, moet het tijdstip van het onderhoud met een sticker met servicelabel op de voorste dwarsdrager kenbaar worden gemaakt.

VIDEO OVER HET ONDERWERP

Vervangen AC-filter

Vervanging van de filterdroger inclusief uit- en inbouw.

 

01:55 min

Adviezen bij het inbouwen van aircocompressoren

Verzeker dat alle verontreinigingen en vreemde voorwerpen uit het koudemiddelcircuit werden verwijderd. Daarvoor moet het systeem voor de inbouw van de nieuwe compressor worden gespoeld. Voor het spoelen kan naargelang de vervuilingsgraad het koelmiddel R134a of een speciale spoeloplossing worden gebruikt. Compressoren, drogers (accumulatoren) en expansie- of smoorkleppen kunnen niet worden gespoeld. In geval van een defect van de compressor moet er altijd worden uitgegaan van een verontreiniging van het systeem (slijpsel, spaanders) en mag verontreiniging in ieder geval niet worden uitgesloten. Daarom is het bij de vervanging van deze component absoluut noodzakelijk dat het systeem wordt gespoeld. Verzeker dat er geen spoeloplossingsresten in het systeem achterblijven. Droog het koudemiddelcircuit eventueel met stikstof.

 

Vervang de filterdroger of accumulator en de expansieklep of de smoorklep (Orifice Tube).

 

Een en dezelfde compressor kan voor verschillende voertuigen of systemen worden ingezet. Het is daarom absoluut noodzakelijk dat de vulhoeveelheid olie en de olieviscositeit vóór de montage van de compressor worden gecontroleerd aan de hand van de opgaven van de fabrikant, en zo nodig worden gecorrigeerd. Hiervoor moet alle olie worden afgelaten en opgevangen. Vervolgens dient de compressor opnieuw te worden gevuld met de volledige hoeveelheid olie die wordt voorgeschreven door de fabrikant van het voertuig (systeemhoeveelheid olie).

 

Om ervoor te zorgen dat de olie gelijkmatig wordt verdeeld, moet de aandrijfpoelie van de compressor vóór de montage 10x met de hand worden gedraaid. Bij de montage van de aandrijfsnaar moet erop worden gelet, dat deze is uitgelijnd. Sommige compressoren zijn ontworpen voor "meervoudig gebruik". Dat betekent dat ze in verschillende voertuigen kunnen worden ingebouwd. Op het aantal groeven op de magneetkoppeling na, komt een vervangende compressor 100% overeen met een originele.

 

Na het inbouwen van de compressor en het opnieuw vullen van het koudemiddelcircuit, start u eerst de motor en laat u deze gedurende enkele minuten stationair draaien.

 

Daarnaast dienen aanvullende opgaven (instructies op/in de verpakking, voorschriften van de fabrikanten, inloopvoorschriften) in acht genomen te worden.