Hvilket udsagn passer bedst på dig?

Med din anonyme deltagelse hjælper du os med at tilpasse vores indhold bedre til dig.

  • Jeg arbejder på et værksted
  • Jeg er hobbymekaniker
  • Jeg er i lære eller under uddannelse på en uddannelsesinstitution
  • Andet

Elektrische vacuümpomp controleren

Hier vindt u nuttige kennis en waardevolle tips over alle aspecten van elektrische vacuümpompen.

Omdat de reminstallatie een van de belangrijkste systemen in een voertuig vormt, moet ervoor gezorgd worden dat er op elk moment een aanhoudende en effectieve remkracht beschikbaar is. De meeste rembekrachtigerssystemen maken gebruik van het vacuüm dat wordt opgewekt in de verbrandingsmotor. Onder bepaalde bedrijfsomstandigheden bijvoorbeeld bij de koude start- en opwarmfase of bij rijden op grote hoogte is het door de motor opgewekte vacuüm echter niet meer voldoende. In dit geval is er een elektrische vacuümpomp nodig om een alternatief of aanvullend vacuüm te genereren.

Belangrijke veiligheidsaanwijzing
De volgende technische informatie en praktische tips zijn door HELLA ontwikkeld om werkplaatsen professioneel te ondersteunen bij hun werkzaamheden. De gegeven informatie op deze website mag alleen door daarvoor opgeleid vakpersoneel worden gebruikt.

 

Service-informatie elektrische vacuümpomp: VIDEO

In deze video laten we u de relevante inbouwposities en systeemcomponenten zien en leggen we aan de hand van het voorbeeld van een Opel de test en foutdiagnose van de elektrische vacuümpomp uit. 

Opbouw van een elektrische vacuümpomp: FUNCTIE

Voor voertuigen die afhankelijk van het motorconcept te kort of geen onderdruk beschikbaar hebben voor de werking van de reminstallatie, worden elektrische vacuümpompen gebruikt om de betrouwbare werking van het rembekrachtigerssysteem te garanderen. De elektrische vacuümpomp zorgt ervoor dat een betrouwbare werking van het remsysteem, dat met pneumatische remkrachtondersteuning werkt, in stand wordt gehouden.

 

In de volgende motorconcepten kunnen elektrische vacuümpompen worden toegepast:

  • Ottomotor directe inspuiting
  • Dieselvoertuigen
  • Hybride en elektrische voertuigen
  • Brandstofcellen- /elektrische voertuigen
  • Voertuigen met of zonder turbolader, automatische versnelling of STOP-START-systeem.

 

Voordelen van een extra ingebouwde elektrische vacuümpomp:

  • Ondersteunt alle soorten motorconcepten
  • Verlaging van de energiebehoefte door vraaggestuurde werking van de pomp
  • Ondersteunt de verlaging van de CO2-emissies
  • Onafhankelijk van de verbrandingsmotortechnologie
  • Onderhoudsvrij (droogloop- en zelfsmering vereist geen verbinding met het oliecircuit)
  • Elektrisch aangedreven vacuümpompen ondersteunen het concept van een flexibel voertuigplatform
Elektrische vacuümpomp controleren: opbouw
AANWIJZING

Als de accu diepontladen of de draadloze overdracht gestoord is, kan de auto via de mechanische sluitcilinder worden geopend.

Opbouw en functie van de draaischuifpomp

De draaischuifpomp, ook genoemd vleugelcelpomp, is een verdringerpomp die is ontworpen voor zuig- en drukopgaven . De werking van de vacuümpomp is gebaseerd op het principe van de draaischuifcompressie. 

 

In de pomp bevindt zich een rotor die t.o.v. de pompkamer buiten het midden is aangebracht. In deze rotor kunnen een of meerdere beweeglijke schuiven zijn gemonteerd. Door de elektromotor wordt de pompas en zodoende de rotor in een draaibeweging gebracht. De beweeglijke schuiven worden door de centrifugaalkracht tegen de binnenwand van de pompkamer gedrukt en dichten de cellen af. Daarbij wordt de lucht in de door de huiswand en door twee schuiven gevormde cellen van de zuigzijde naar de drukzijde verdrongen.

 

Deze verandering in celvolume zorgt voor een onderdruk, het effect hiervan is dat lucht uit de rembekrachtiger via het pneumatische leidingsysteem wordt aangezogen door de vacuümpomp. 

Inbouwpositie in het voertuig

Als inbouwpositie voor de vacuümpomp wordt in het algemeen het carrosseriegedeelte in de motorruimte gepland. Afhankelijk van het voertuig kan de pomp links of rechts naast de motor of op het onderste hulpframe (motordrager) zijn bevestigd. Om akoestische redenen (overdracht contactgeluid) worden de pompen op een drager met overeenkomstige ontkoppelingselementen (trillingsdempers) bevestigd.

Pneumatische verbinding

De elektrische vacuümpomp is via een zuigaansluiting met het flexibele pneumatische leidingsysteem van de reminstallatie verbonden. De aangezogen lucht komt gefilterd uit het passagiersgedeelte via de rembekrachtiger en het flexibele leidingsysteem naar de vacuümpomp. De pneumatische leidingen, ventielen en de rembekrachtiger moeten vrij zijn van partikels en verontreinigingen die door het aanzuigen tot beschadiging van de pomp kunnen leiden.

Aansluitvarianten / Systeemoverzicht

Afhankelijk van het voertuigtype en de toepassing kan de vacuümpomp in twee varianten zijn gemonteerd. Hier wordt een verschil gemaakt tussen gestuurde en geregelde vacuümpompen. 

Geregelde variant

Bij de geregelde variant is in de onderdrukleiding naar de rembekrachtiger een druksensor gemonteerd. De druksensor registreert permanent de daadwerkelijke druk in het systeem en draagt deze waarde over aan een overkoepelende regeleenheid (bijv. motorregeleenheid).

 

De regeleenheid vergelijkt de sensorgegevens met de streefwaarden en regelt naar behoefte de inschakelduur van de vacuümpomp. De elektrische aansturing door de regeleenheid vindt plaats via een aan de vacuümpomp voorgeschakeld relais. 

Gestuurde variant

Deze variant werkt zonder druksensor en wordt gestuurd door de in de motorregeleenheid opgeslagen karakteristieken voor de druk in het inlaatspruitstuk . De druk in het inlaatspruitstuk wordt berekend uit de ingangsparameters motortoerental, motorbelasting, smoorklepinstelling en remlichtschakelaar. 

 

De motorregeleenheid vergelijkt de in de karakteristiek opgeslagen druk met de berekende druk in het inlaatspruitstuk voor de rembekrachtiger en gebruikt deze als informatie voor het aansturen van de pomp. Het in- en uitschakelen van de elektrische vacuümpomp vindt plaats in een vastgelegd drukbereik dat wordt gedefinieerd uit het verschil tussen inschakel- en uitschakeldruk. De regeleenheid gebruikt de omgevingsdruk als vergelijkingswaarde. Deze kan afhankelijk van het systeem worden berekend of via een in de regeleenheid gemonteerde druksensor worden bepaald.

Gevolgen en oorzaken

De volgende effecten kunnen bij de uitval van de vacuümpomp optreden

  • Onderdruk in de rembekrachtiger te gering
  • Gebrekkige remwerking
  • Verhoogde krachtinspanning bij de bediening van het rempedaal
  • Storingslampje brandt (systeemafhankelijk)

 

De volgende oorzaken kunnen voor de uitval van de elektrische vacuümpomp verantwoordelijk zijn

  • Spanningsvoorziening foutief
  • Uiterlijke beschadigingen
  • Defecte elektromotor
  • Onderdrukleidingen beschadigd of verontreinigd

Controle van elektrische vacuümpompen en storingsdiagnose: FOUTOPSPORING

In het verdere verloop wordt exemplarisch de diagnose aan een Opel Cascada 1,4i 16V Turbo, bouwjaar 2013 met een mega macs 77 diagnose-apparaat weergegeven, kan echter op soortgelijk gebouwde voertuigmodellen worden overgedragen. Bij dit voertuig met turbolader en STOP-START-systeem is een HELLA UP28 vacuümpomp met druksensor op de rembekrachtiger gemonteerd.

 

De elektrische vacuümpomp resp. de functie wordt door de desbetreffende overkoepelende regeleenheid bewaakt. Optredende fouten worden in het foutgeheugen van de regeleenheid geregistreerd en kunnen met een geschikt diagnoseapparaat worden uitgelezen. Bovendien wordt aan de bestuurder bij een systeemfout een waarschuwing in het display van het combi-instrument getoond.

 

Alvorens echter met de regeleenheid-diagnose wordt begonnen, wordt aanbevolen om in het kader van de opsporing van fouten eerst een visuele controle aan de afzonderlijke systeemcomponenten uit te voeren. In dit verband moeten de pneumatische en elektrische aansluitingen van de vacuümpomp en de toestand van alle verdere onderdrukleidingen naar de rembekrachtiger worden gecontroleerd. Zo kunnen tijdens de regeleenheid-diagnose enkele fouten worden uitgesloten.

Een eenvoudige functiecontrole van de elektrische vacuümpomp kan in het voertuig als volgt worden uitgevoerd.

  • Voertuig op een veilige plaats neerzetten
  • Parkeerrem activeren
  • Contact inschakelen. Start de motor en laat hem stationair draaien. De motortemperatuur moet > 40° Celsius zijn.
  • Het rempedaal meerdere malen bedienen om de druk in de rembekrachtiger te verlagen

 

Wanneer systeemtechnisch alles in orde is, moet gelijktijdig de vacuümpomp tijdelijk hoorbaar starten en de benodigde onderdruk in de rembekrachter verhogen resp. verlagen.

 

Optioneel kan ook indien nodig een diagnose-apparaat worden aangesloten om het drukproces in de rembekrachtiger via de functie "Parameter" weer te geven.

Regeleenheid-diagnose

In het kader van een regeleenheid-diagnose kunnen naar behoefte verschillende functies en voertuiginformatie worden geraadpleegd.

Foutcode

Met deze functie kunnen de in het foutgeheugen opgeslagen foutcodes worden uitgelezen. Voor de aansluitende opsporing van fouten worden in de foutcode-beschrijving algemene aanwijzingen voor de mogelijke effecten of oorzaken weergegeven.

Parameters uitlezen

Met deze functie kunnen actuele meetwaarden uit de regeleenheid zoals bijvoorbeeld druk van de rembekrachtiger of positie van het rempedaal geselecteerd en weergegeven worden.

Schakelschema's

Systeemspecifieke schakelschema's kunnen uit de voertuiginformatie worden geraadpleegd voor het opsporen van fouten. Hier kunnen de PIN-belegging op de regeleenheidstekker of de kabelkleuren worden afgelezen en voor verdere controles aan de elektrische vacuümpomp of de druksensor-rembekrachtiger worden gebruikt.

AANWIJZING

De desbetreffende testdiepte en de veelheid aan functies kunnen naargelang de voertuigfabrikant verschillen en zijn afhankelijk van de systeemconfiguratie van de regeleenheid.

Elektrische vacuümpomp vervangen: INBOUWADVIEZEN

Op grond van de montagepositie vindt het uitbouwen van de elektrische vacuümpomp bij dit voertuigmodel vanaf de onderzijde van de auto plaats en kan zonder speciaal gereedschap worden uitgevoerd.

Werkwijze

  • Voertuig op de hefbrug rijden.
  • Motor uitschakelen. Contact uitschakelen.
  • Voertuig op werkhoogte omhoog bewegen.
  • Elektrische insteekverbindingen en vacuümslang losmaken van de pomp.
  • Bevestigingsschroeven van de pompdrager losmaken en eruit draaien.
  • Vacuümpomp met de houder uit de auto verwijderen.

 

Vervolgens kan de vacuümpomp indien nodig worden vernieuwd. De inbouw gebeurt in omgekeerde volgorde. Vervolgens de functie van de elektrische vacuümpomp controleren. 

REPARATIE-INSTRUCTIE!

In het kader van een reparatie aan de reminstallatie dient u de volgende aanwijzingen in acht te nemen:

  • De reminstallatie is een veiligheidssysteem.
  • Reparatiewerkzaamheden aan remsystemen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door geschoolde vakmensen.
  • Verkeerd uitgevoerde reparaties kunnen systeemuitval en ernstig persoonlijk letsel tot gevolg hebben.
  • Neem bij reparaties van de reminstallatie altijd de veiligheidsvoorschriften en montage-instructies van de betreffende systeem- of voertuigfabrikant in acht.