MIS GEEN ENKEL NIEUWS!

Met de gratis nieuwsbrief geeft HELLA om de twee weken informatie over alle nieuwe ontwikkelingen in HELLA Tech World

Blijf op de hoogte!

Meer informatie over onze nieuwsbrief weergeven Meer informatie over onze nieuwsbrief uitschakelen
 

Met de gratis nieuwsbrief geeft HELLA om de twee weken informatie over alle nieuwe ontwikkelingen in HELLA Tech World, bijvoorbeeld:

  • Nieuwe voertuigspecifieke reparatie-aanwijzingen
  • Technische informatie - van basiskennis tot diagnosetips
  • Productinnovaties
  • Werkplaatsrelevante marketingacties en wedstrijden

Daarvoor hoeft u alleen uw e-mailadres op te geven. Klik hier als u zich voor de nieuwsbrief wilt afmelden.

Gaspedaalsensor

Hier vindt u nuttige basiskennis en belangrijke tips over het thema gaspedaalsensor en gaspedaalpositiesensor/pedaalwaardesensor bij voertuigen.

De gaspedaalpositiesensor stuurt de positie van het gaspedaal naar het motorregelapparaat . Aan de hand van deze informatie kan de belastingswens van de bestuurder rechtstreeks worden geïmplementeerd. Op deze site kunt u lezen volgens welk principe moderne pedaalwegsensoren werken en welke symptomen op een storing bij deze sensor wijzen. Daarnaast leert u hier hoe gaspedaalpositiesensoren in de werkplaats worden gecontroleerd.

Belangrijke veiligheidsinstructie
De volgende technische informatie en praktische tips zijn door HELLA ontwikkeld om autowerkplaatsen professioneel te ondersteunen bij hun werkzaamheden. De informatie die op deze website ter beschikking wordt gesteld, mag alleen worden gebruikt door hiervoor opgeleide vakmensen.

 

GASPEDAALSENSOR WERKING: WERKINGSPRINCIPE

Bij moderne voertuigen wordt het aandeel elektronische onderdelen steeds groter. Redenen hiervoor zijn onder andere de wettelijke bepalingen, zoals op het vlak van emissie- en verbruiksreductie. Ook ter bevordering van de actieve en passieve veiligheid, evenals het rijcomfort wordt steeds vaker gebruik gemaakt van elektronische componenten. Een van de belangrijkste componenten is de gaspedaalpositiesensor.

 

Voor het gebruik in motorvoertuigen wordt steeds vaker gebruik gemaakt van een contactloze sensor die op een inductief principe is gebaseerd. Deze sensor bestaat uit een stator, die een bekrachtigingsspoel, ontvangstspoelen en analyse-elektronica omvat, evenals een rotor die uit een of meer gesloten geleiderlussen met een bepaalde geometrie wordt gevormd.

 

Door het aanleggen van een wisselspanning aan de zendspoel wordt er een magnetisch veld gegenereerd, dat spanning veroorzaakt in de ontvangstspoelen. In de geleiderlussen van de rotor wordt eveneens stroom veroorzaakt, die het magnetische veld van de ontvangstspoelen beïnvloedt. Afhankelijk van de stand van de rotor ten opzichte van de ontvangstspoelen in de stator worden er spanningsamplitudes gegenereerd. Deze worden in analyse-elektronica bewerkt en vervolgens in de vorm van gelijkspanning naar het regelapparaat gestuurd. Dit analyseert het signaal en zendt bijvoorbeeld een overeenkomstige impuls naar de gasklepsteller. De kenmerken van het spanningssignaal zijn afhankelijk van de manier waarop het gaspedaal wordt bediend.

SYMPTOMEN DEFECTE GASPEDAALSENSOR: SYMPTOMEN

Bij uitval van de gaspedaalpositiesensor kunnen de volgende storingssymptomen optreden:

  • Motor vertoont alleen nog een verhoogd stationair toerental
  • Voertuig reageert niet op gaspedaalbewegingen
  • Motor gaat op de "noodloop" over
  • Motorcontrolelampje op het dashboard gaat branden

GASPEDAALSENSOR DEFECT: UITVALSOORZAAK

Een uitval kan diverse oorzaken hebben:

  • Beschadigde leidingen of aansluitingen bij de gaspedaalpositiesensor
  • Ontbrekende spannings- of massavoorziening
  • Defecte analyse-elektronica in de sensor

GASPEDAALSENSOR CONTROLEREN: FOUTOPSPORING

Bij de foutopsporing dienen volgende controlestappen in acht te worden genomen:

  • Storingscode uitlezen
  • Gaspedaalpositiesensor visueel inspecteren op mechanische beschadigingen
  • Relevante elektrische aansluitingen en leidingen visueel inspecteren op juiste montage en eventuele beschadigingen
  • Sensor controleren met behulp van een oscilloscoop en multimeter

 

Als toelichting op de foutopsporing zijn aan de hand van het voorbeeld van een MB A-klasse (150) 1,7 de volgende controlestappen, technische gegevens en afbeeldingen opgevoerd.

Pin regelapparaat Signaal Testomstandigheden Referentiewaarde
C5 blauw-geel Versnelling uit 0 V
C5 Versnelling uit 4,5 – 5,5 V
C8 violet-geel Versnelling aan 0 V
C blauw-grijs Versnelling aan,
Gaspedaal vrijgegeven
0,15 V
C9 Versnelling aan,
Gaspedaal ingetrapt
2,3 V
C10 violet-groen Versnelling aan,
Gaspedaal vrijgegeven
C10
  Versnelling aan,
Gaspedaal ingetrapt
4,66 V
C23 bruin-wit Versnelling aan 0 V

Uitgangssignaal ← Ingangssignaal ⊥ Regelapparaatmassa

SIGNAALONTVANGST VANAF PIN C5

Bij deze meting wordt de spanningsvoorziening van de sensor gecontroleerd. Contact aan/uit

SIGNAALONTVANGST VANAF PIN C9

Contact aan, pedaal intrappen en weer loslaten. De stijging en daling van het signaal zijn afhankelijk van de snelheid waarmee het pedaal wordt ingetrapt en weer wordt losgelaten.

SIGNAALONTVANGST VANAF PIN C10

Contact aan, pedaal intrappen en weer loslaten. De stijging en daling van het signaal zijn afhankelijk van de snelheid waarmee het pedaal wordt ingetrapt en weer wordt losgelaten.

AANBEVELING!

De metingen moeten door twee personen worden uitgevoerd. Het opnemen van de signalen op de sensor, het uitvoeren van de verschillende testcycli en het diagnosticeren op de oscilloscoop is voor één persoon slechts moeilijk te doen en vergt aanzienlijk meer tijd.